Vaarwel kleintje
"Mam, mag ik ook een huisdier?, Iedereen in mijn klas heeft een huisdier en ik natuurlijk weer niet!!"
"Mam, ben ik nu oud genoeg voor een huisdier?".
"Mam, ik houd zoveel van dieren en ik kan er ook heel goed voor zorgen. Kijk maar hoe lief ik ben voor de hond".
"Mam, ik heb heel veel boeken gelezen over huisdieren en ik weet nu welk dier ik wil."
"Mam, weet je wel dat ik alles weet over cavia's en over hun verzorging en over hun opvoeding?"
"Mam, ik ben bijna jarig. Krijg ik nu eindelijk eens een cavia? Ik word al 10 hoor, dan kun je heus wel voor een huisdier zorgen!"
"Mam, ik ben zo blij dat ik nu een huisdier heb. Dit zijn de allerliefste cavia's van de hele wereld. Ik ben een gelukkig kind!"
"Mam, die zwarte heb ik Poepsel genoemd want hij poept zoveel. De bruine heb ik Piepsel genoemd omdat hij zulke lieve piepgeluidjes maakt."
"Mam, die zwarte is ook lief hoor maar de bruine is echt mijn lieveling."
"Mam, waarom mogen mijn cavia's niet meer in jouw bed slapen?"
"Mam, ja het was een leuke dag op school, nu ga ik eerst mijn cavia's knuffelen."
"Mam, ik ga echt niet naar de Elzas als mijn cavia's niet mee mogen."
"Mam, nee, het was een stomme dag op school, nu ga ik eerst mijn cavia's knuffelen"
"Mam, weet je dat ik Piepsel kunstjes heb geleerd. Hij kan ook doodliggen."
"Mam, ik ben een cavia kwijt, weet jij waar hij is?"
"Mam, het is je eigen schuld. Omdat mijn cavia niet in jouw bed mag moest ik hem wel in mijn bed doen. Kan ik het helpen dat ie in mijn bed gepiest heeft?"
"Mam, ik kan niet leven zonder mijn cavia's. Ik ben zo gek op ze. Ze zijn mijn alles! Ik zou niet weten hoe ik zonder ze moet leven. Mijn leven zou waardeloos zijn."
"Mam, waarom mogen mijn cavia's niet meer mee naar jouw kantoor als ik daar wil computeren. Hoe zo moeten Jettie en Natascha dan niezen? Die kunnen ook nergens tegen!"
"Mam, hoe kunnen ze nou allergisch zijn voor zo'n lief beestje! Hij heeft heus geen vlooien hoor."
"Mam, ik geloof dat mijn bruine cavia ziek is. Hij is plotseling ineengestort. Alsof er geen botten in zijn lijf zitten."
"Mam, hoe kan mijn cavia nou ineens zomaar dood gaan? Hij deed hijg, puf, hijg, puf en toen was ie dood!"
"Mam, ja, maak maar foto's, voor later."
"Mam, ik ben zo verdrietig. Het liefste wat ik had, en nu is ie dood."
"Mam, ik heb een mooie doos uitgezocht. Er staat allemaal vrolijke plaatjes op."
"Mam, nog één kusje geven. Daarna mag je hem begraven. Nee, doe jij het maar. Ik heb even genoeg van de dood
"Och kleintje, waarom ben je nou dood. Ik houd zoveel van je. Vaarwel kleintje."
"Mam, nu mag je hem begraven, nee je hoeft niet te wachten. Dadelijk gaat ie nog stinken."
Mama legt Piepsel zachtjes in een doosje. Dank je wel lieve kleine cavia voor het geluk dat je mijn zoon gebracht hebt.
Mama graaft een gat op de door zoon aangewezen plek. Het doosje gaat voorzichtig in het gat en zachtjes gaat er aarde over. Een flap van het doosje steekt nog even omhoog door de aarde.
Happy Meal, staat erop.